Nog zes uur.

Ik wilde hier heel veel schrijven. Ik wilde hier al mijn foto’s droppen. De foto’s die ik op Couleur CafĂ© nam bij het oogverblindende licht, bij de ondergaande zon. En we straalden. We hadden jurkjes aan. We dansten. Er was stof en hitte en we praatten over de liefde. Vaak.

Mijn fototoestel doet raar. Het is iets virus. Ik ben ook moe want ik ben vandaag meteen na het festival gaan werken. Morgen weer. Overmorgen weer.

Het gaat over afscheid vandaag. Langzaam wordt duidelijk dat zij slechts even ons pad kruisten maar nu weer terug moeten naar hun leven, hun stad, hun eigen verhaal. En terwijl wij hier voor hen veel betekenden zal het hierna nooit meer hetzelfde zijn. Dit is het einde. Het einde van hun erasmus en onze vreemdsoortige liefde. Dit keer zijn zij namelijk vrijwillig naar ons gekomen.

Ik ben wat aan het praten tegen mezelf zoals ik ook deed toen ik daarnet langs de blandijn fietste. Het was negen uur, in de luwte van de avond, ik wierp een blik op het raam waarachter zich anders een dichter verschanst. Ik wist dat hij er niet was en toch hoopte ik van wel.

We aten ijsjes uit de nachtwinkel en deden de was in Boudewijn. Soms is alles romantisch. Alles behalve weten dat het een spel is en dat je al op voorhand verloren hebt.

Morgen zal mijn dag weer om halfzeven beginnen. Morgen zal ik cijfers ingeven in de computer, praten met de mama en me ergeren omdat het zo duidelijk is dat zij het meeste werk verzet en het minste betaald wordt. En serio. Ik maakte er vandaag al luidop een opmerking over. Ik zag de jongeman naast me geschokt kijken. Ik ben niet gemaakt voor een bureau. Te mondig. Te springlevend. Te dromerig. Gelukkig waren er pralines en speelde ik stiekem Snake op het toilet.

Ik fiks de foto’s en dan plaats ik ze hier en dan kunt u de hoofdrolspelers uit mijn prille zomer bewonderen.

Ik ga slapen. Nog zes uur.

Explore posts in the same categories: geblaat en wol wol wol

Comment: